zondag 23 augustus 2015

Weer wandelen tussen Gaast en Wedderbergen

Gisteren hebben we een rondje gelopen, route 2 van de 34 van Wandelen in Westerwolde. We lopen er wel vaker, zie bijvoorbeeld ook mijn stukje over sliekdaipen en het blog van Maggelaag over dezelfde wandeling. Je komt er vrijwel geen mens tegen, gisteren drie fietsers en één wandelaar.

Kaartje geleend van de Stichting Wandelen in Westerwolde
We zijn begonnen bij de poldermolen Weddermarke en hebben netjes de route gevolgd zoals die op het kaartje staat.

Poldermolen Weddermarke
Eerst een stukje langs de camping Wedderbergen, af en toe zie je daar iets van maar storend is dat niet.


Verder langs de Westerwoldse Aa met zo hier en daar wat begroeiing als uitgebloeide berenklauw. Prachtige plant, maar blijf er wel af.


Beestjes wonen er ook, zoals deze Bloedrode Heidelibel (dat het beestje waarchijnlijk zo heet heb ik mij wel laten vertellen)



Het land binnenin ons wandelrondje is nat natuurgebied dat kan uitwateren op de Westerwoldse Aa, er is een gemaaltje. In geval van dreigende verdroging wordt er overigens net zo gemakkelijk water ingelaten.


Op de helft van het rondje kom je op de Verlengde Lutjeloosterweg die aansluit op de Bisschopsweg. Mooi uitzicht op de Gaast heb je daar.


Even verderop, langs de Bisschopsweg, ligt nog het Kompken Kolkje, een restant van een dijkdoorbraak. Maggelaag heeft er een foto van.

Vanaf de Bisschopsweg is het een rechte lijn langs/over de Nieuwedijk naar ons start- en eindpunt, de poldermolen.


Ook het uitzicht vanaf het zandpad mag er zijn.


Oogsttijd overigens, er werd hard gewerkt tussen ons wandelgebied en Vriescheloo.


Naast de beschreven wandeling zijn er nog veel meer wandel- en fietsmogelijkheden zoals op de borden te zien is.






zaterdag 22 augustus 2015

Martinikerk, Groningen

Uit het Monumentenregister:

HOOFDKERK van de stad, ontstaan uit een driebeukige kruiskerk uit de 13e eeuw, die in de 15e-16e eeuw vergroot en westwaarts uitgebreid werd en in 1450-1460 van een nieuw koor met omgang werd voorzien. Aan de noordzijde van het koor tweebeukige kapel met verdieping en sacristie. Schip en koor geheel in steen overwelfd.

In het koor geschilderde gewelfsleutels en in tot nissen gedichte openingen boven de arkade van het koor, vroeg-Renaissance geschilderde Bijbelse voorstellingen. In de arkade natuurstenen afscheidingen, 15e eeuw, aansluitende bij eiken hekken, 17e eeuws. Drieklaviersorgel met vrij pedaal. Hoofdkas met snijwerk uit 1542, de pedaaltorens van Arp Schnitger 1692. Het rugwerk werd in 1729 gemaakt door F.C. Schnitger en A.A. Hinsz. Een klaviers mechanisch koororgel, gemaakt door J. Picard in 1742 en vermoedelijk onderdeel van een groter orgel, afkomstig uit Limburg. Twee hooggestoelten waarvan een met twee poortjes en onderbanken met gesneden wangen. Wandbank en lambrisering in het koor en overhuifd gestoelte XIXe eeuws. Epitaaf voor Wessel Gansfort, 18e eeuws.

Talrijke grafzerken in de koorvloer, o.a. uit 1535 met koper ingelegd, uit 1557 en 1570 door Vincent Lucas en een dergelijke 16e eeuwse. In de kooromgang-vensters, fragmenten gebrandschilderd glas. 


En hoe ziet dat er dan uit? Nou, zo!

Oostelijke ingang van het schip aan de St. Jansstraat

Drie rondvensters in de noordgevel van het schip aan het Martinikerkhof

Zuidzijde van het koor
Gewelf van het koor

Zuidgevel van het koor, met schilderingen

Noordelijke zijbeuk van het schip, let ook op de banken
Middenschip en het orgel
Gewelfschildering in het schip
Kapconstructie, ik denk boven het koor maar ik was enigszins gedesoriënteerd
Gewelf boven het schip (denk ik)


zaterdag 15 augustus 2015

"Acht uur na ontvangst Uwer bestelling zijn de goederen in Uw bezit"

Steeds meer bedrijven zijn in staat bestellingen snel thuis af te leveren. 's Avonds voor 23:59 besteld, de volgende dag afgeleverd is geen uitzondering meer in onze internet-tijd. Dat maakt mij als consument heel tevreden. Vroeger was dat wel anders, een bestelling doen en dan maar wachten tot er een pakket zou worden afgeleverd. Dagen en dagen kon dat duren, we kunnen het ons bijna niet meer voorstellen.
Maar toch: een eeuw geleden, nou ja, 98 jaar geleden, was in ieder geval de firma Wolff en Zonen te Meppel in staat binnen acht uren na binnenkomst van de bestelling het bestelde behangpapier op het adres van de besteller af te leveren blijkens het P.S. hun prospectus die ik vanmiddag in het geweldige Yeb Hettinga Museum in Firdgum aantrof: "Acht uur nu ontvangst Uwer bestelling zijn de goederen in Uw bezit".





Zie voor de familie Wolff in Meppel ook http://www.joodsmonumentmeppel.nl/families/wolff-j/wolff-j.html

zondag 2 augustus 2015

Stelling: Onderdendam, Garnwerd, Huizinge mooier dan Amsterdam, Leiden, Dordrecht

Onderdendam heeft 270 huishoudens en 29 rijksmonumenten. Garnwerd heeft 195 huishoudens en 24 rijksmonumenten. Huizinge heeft 50 huishoudens en 11 rijksmonumenten.

Amsterdam heeft ruim 430.000 huishoudens en 7503 rijksmonumenten. Leiden heeft ruim 63.000 huishoudens en 1243 rijksmonumenten. Dordrecht heeft ruim 54.000 huishoudens en 892 rijksmonumenten.

Per huishouden hebben Groninger dorpen veel meer monument dan Hollandse steden.

Onderdendam, in de 19e eeuw was hier onder meer het kantongerecht gevestigd

Garnwerd, schotbalkhuisje

Huizinge, Hervormde kerk



vrijdag 19 juni 2015

"Nieuwe Haring"

Is "Hollandse Nieuwe" echt nieuwe haring, is nieuwe haring jonge haring? Is zoute haring die je in bijvoorbeeld maart koopt anders dan "Hollandse Nieuwe" die je na vlaggetjesdag in juni koopt? Vragen waarvan de beantwoording nogal wat emoties op kunnen roepen.

Haring 04

In 2013 is een zogenaamde GTS aangevraagd, een EU-keurmerk Gegarandeerde Traditionele Specialiteit. Een dergelijk keurmerk verwijst naar de traditionele productsamenstelling of productiemethode: een onveranderd en aantoonbaar gebruik op de EU-markt voor een periode van minimaal 30 jaar.

In die GTS-aanvraag worden eigenlijk alle vragen beantwoord, maar ook niet. In de GTS-aanvraag wordt de naam "Hollandse Nieuwe" gelijkgesteld met o.a. de naam "Maatjesharing" en die term is dan oorspronkelijk een aanduiding voor het biologische stadium waarin haring zich bevindt: haring die nog geen hom of kuit heeft bevat.

In de aanvraag wordt een beschrijving gegeven van wat "Hollandse Nieuwe maatjesharing" is:
“Hollandse Nieuwe maatjesharing” is een maatjesharing die wordt gevangen in de maanden mei tot en met september en die na vangst wordt gekaakt of ontkopt en vervolgens gepekeld of droog gezouten en waarin voor de smaakvorming een natuurlijke enzymmatige rijping plaatsvindt.

Voor "Hollandse Nieuwe"gaat het om haring die gevangen wordt in de periode mei-september en die voldoet aan wat Hjort en Meijer beschrijven als stadium 2. De aanvraag bevat een tabel waarin duidelijk wordt gemaakt wat Hjort en wat Meijer stadium 2 noemen. Daar zit wat verschil tussen: wat Hjort stadium 2 noemt is bij Meijer nog stadium 1, wat Meijer stadium 2 noemt zijn bij Hjort de stadia 3 tot en met 5. Het komt er eigenlijk op neer dat alle haring die volwassen is maar nog niet paairijp voldoet aan stadium 2 van de biologische verschijningsstadia volgens Hjort en Meijer.

Jong hoeft die haring niet te zijn, sterker nog, de haring moet minstens drie jaar oud zijn. De eisen die aan de haring worden gesteld om tot "Hollandse Nieuwe te kunnen worden benoemd zijn dus:
  • maatjesharing gevangen in de maanden mei tot en met september;
  • gekaakt of ontkopt;
  • gepekeld of droog gezouten;
  • in het biologische stadium 2 van Hjort of Meijer;
  • minimaal drie jaar oud.
Het rijpingsproces begint met het pekelen, het zout remt ook het rijpingsproces af en uiteindelijk moet de vis de diepvries in, dan stopt het rijpingsproces vrijwel helemaal.

In de GTS-aanvraag is aangegeven welke specifieke kenmerken de haring na verwerking moet hebben om "Hollandse Nieuwe"te mogen heten:
  • De kleur van het visvlees is blank;
  • De geur is fris, zilt en meer of minder gerijpt;
  • De consistentie van het visvlees is mals en vet;
  • De smaak is romig en mals.
Een vangstgebied is ook aangegeven, dat komt neer op het midden van de Noordzee en ook het Skagerrak, allemaal handig dicht bij Denemarken gelegen,  waar dan ook het grootste deel van de haring aan land wordt gebracht en verwerkt tot "Hollandse Nieuwe".

De eisen die aan de haring worden gesteld om tot "Hollandse Nieuwe" te kunnen worden benoemd zijn dus:
  • maatjesharing gevangen in de maanden mei tot en met september;
  • het vangstgebied is midden-Noordzee en Skagerrak;
  • gekaakt of ontkopt;
  • gepekeld of droog gezouten;
  • in het biologische stadium 2 van Hjort of Meijer;
  • minimaal drie jaar oud;
  • De kleur van het visvlees is blank;
  • De geur is fris, zilt en meer of minder gerijpt;
  • De consistentie van het visvlees is mals en vet;
  • De smaak is romig en mals.
De laatste vier eisen aan de vis worden gesteld ná verwerking zijn niet echt heel hard te noemen, meer een kwestie van smaak in een schaal waar dan ongetwijfeld wel wat consensus over zal zijn.

Een wijdverbreid misverstand is het dat de Nieuwe ook jonge haring is. Dat is dus niet zo: de vis moet minimaal drie jaar oud zijn.

Zoals ik het in de GTS-aanvraag lees kan de "Hollandse Nieuwe" dus heel goed haring zijn die niet vlak voor Vlaggetjesdag is gevangen, de vis kan heel goed in een vorig jaar gevangen zijn en toch aan de criteria voldoen om "Hollandse Nieuwe" genoemd te mogen worden. Het Warenwetbesluit Visserijproducten, slakken en kikkerbillen perkt dat echter wel in: in artikel 8 lid 2 is opgenomen dat de aanduidingen "Nieuwe haring", "Hollandse nieuwe" of "nieuwe maatjes" alleen gebruikt mag worden voor haring  die gevangen is en verhandeld wordt in de maanden mei tot en met september van hetzelfde jaar.

Mocht ik nou de indruk wekken dat ik Hollandse nieuwe niet lekker vind: dat is niet zo, je kunt mij er best een plezier mee doen (en ook met een frikandel van Vonk). Kom mij er echter niet mee aan dat de Hollandse nieuwe zoveel beter en zachter en anders smaakt dan zoute haring die geen Hollandse Nieuwe (of maatjes of welke andere naamsvariant er ook mag zijn) genoemd mag worden.







vrijdag 12 juni 2015

Poëtisch einde

Zo af en toe loop ik in Veendam even over de Algemene begraafplaats (het kerkhof bij de Hervormde Kerk). Het kerkhof bestaat voor mijn gevoel uit tweede delen, een deels onbepad  "bosdeel" met hoogopgroeiende sparren en een "parkdeel" met recht- en rondlopende paden. In het bosdeel heb ik vandaag even stilgestaan bij vier naast elkaar staande zerken. Wijndelt Obbes Venema en Harmanna Margaretha Abrahams Mulder staan als echtpaar netjes naast elkaar, naast hen staan twee van hun kinderen: Margina Geertuida Wijndelts Venema en Obbo Wijndels Venema.

In eerste instantie trokken de bloemetjes in de zerk van Margina mijn aandacht, pas daarna las ik de gedichten op de zerken. Die wonderschone gedichten wil ik niemand onthouden (en ondertussen vraag ik mij af wie zulk moois geschreven zal hebben).


De waarde Man die hier nu rust,
En 't stof der aarde zwijgend kust,
Heeft 't zedig leven afgeleid,
Met alle zorg voor eeuwigheid.
Nog zweeft ons in 't beminnelijk licht,
Uw dierbre beeltenis in 't gezicht


Zij die hier ligt in 't stof begraven,
Heeft steeds de taak, haar opgedragen
Als gade en moeder trouw vervuld.
Zij bleef ons nedrig steeds verblijden,
En was geduldig onder 't lijden;
O gij die thans dit graf betreedt,
Volgt haar in voorspoed en in leedt.


Hoe ras moest zij die hier in 't graf
Begraven ligt haar moeder volgen.
De zeis des doods maait tal ter neder,
't Zij jong of oud, 't zij zwak of teeder;
Elk wordt het leven eens ontzeid,
In't bloeien van den levenstijd!
Men ziet aan 't lot van deze heiden
Hoe haast' men kan uit 't leven scheiden.


Zacht rust in 's aardrijks kille schoot
Uw stof geliefde echt genoot
Voor de aarde elkaar slechts kort gegeven
Zoo vroeg gescheiden door den dood
Zoo vroeg hereend tot hooger leven.

En de bloemetjes van Margina natuurlijk:


zondag 3 mei 2015

Scheibenfeuer

In februari was ik op bezoek in het dorpje Ballrechten-Dottingen in de Breisgau, bij Freiburg. Carnaval was net voorbij, de vasten waren begonnen. In Oude Pekela merk ik daar nooit zo veel van, Van het carnaval niet, van de vasten nog veel minder (in Veendam rijdt overigens in de carnavalstijd een sneue carnavalsvereniging ongegeneerd lawaaimakend op een trekker rond, maar dat terzijde). In de Breisgau en het aangrenzende Schwarzwald daarentegen is carnaval nog wat en stellen ook de vasten waarschijnlijk wel iets voor, hoewel van die vasten op het feest waarvoor ik op bezoek kwam niets te merken viel.

De Breisgau kent in de carnavals- en vastenperiodes een aantal tradities, van sommige had ik weet, van andere had en heb ik het niet. Het Scheibenfeuer is zo'n traditie waar ik inmiddels weet van heb. 21 februari dit jaar, de eerste zaterdag na carnaval, verzamelde het dorp zich 's avonds bovenop de Castellberg, een groot vuur brandde, een mobiele eet- en drinkgelegenheid was neergezet. De wintergeesten konden verjaagd worden!

Wat er gebeurt is in wezen heel simpel: beukenhouten schijven worden aan een stok geprikt, aangegloeid in het grote vuur en dan via een soort schans onder het uitspreken, bijna zingen, van een tekst die ik niet verstond het dal ingeslingerd.
Het zijn vierkante schijven met afgeschuinde hoeken, niet helemaal plat. Ze zijn ongeveer 9,5 x 9,5 centimeter groot en je kunt ze zelf maken of, veel gemakkelijk, kopen. De stokken zijn minimaal een meter of twee lang, de schansen bestaan uit houten planken die in een hoek van een graad of dertig ten opzichte van de grond zijn opgesteld.



Het Scheibenfeuer bestaat al eeuwen, het is voor het eerst in 1090 beschreven, althans de gevolgen werden beschreven in de kroniek van het klooster Lorsch: een deel van het klooster raakte door het Scheibenfeuer in brand.


Gelukkig is dit ook terug te vinden in jaargang 1893 van het Zeitschrift für Volkskunde (leve Internet Archive) en is daar op pagina 349 en verder netjes uitgelegd wat er staat:
Diese Nachricht von dem herkömmlichen Emporschleudern einer brennenden Holzseheibe bei einem am Abend der Frühjahrstagundnachtgleiche
stattfindenden Volksfeste bildet den ältesten Beleg sowohl für die
deutschen Frühlingsfeuer als auch für eine besondere Art des Festfeuers,
welche teils bei diesen, teils auch bei der zweiten Hauptgattung von
Jahrzeitfeuern.
Het Scheibenfeuer ziet er spectaculair uit en het leverde een goed dorpsfeest op. Foto's en een filmpje heb ik er van gemaakt, maar het echte spektakel zie je daar niet goed van af. Behelpen dus:






En het filmpje, een beetje onhandig overdwars staand:


Als je de foto's en het filmpje wat onder de maat vindt: natuurlijk kun je zelf ook even zoeken en vast veel betere foto's en filmpjes vinden.